Tekst van de publicatie
Gemeenteblad
Officiële uitgave van de gemeente Hardinxveld-Giessendam
Volkshuisvestingsprogramma 2026 gemeente Hardinxveld-Giessendam
Besluit inzake volkshuisvestingsprogramma 2026 gemeente Hardinxveld-Giessendam
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam,
Gelezen het voorstel inzake volkshuisvestingsprogramma 2026 d.d. 16 december 2025,
BESLUIT:
Artikel
I
Het volkshuisvestingsprogramma 2026 vast te stellen zoals deze in '
bijlage A
' is opgenomen.
Artikel
II
Dit besluit treedt in werking op de dag na publicatie.
Aldus vastgesteld in de collegevergadering van 16 december 2025,
De secretaris,
Sonja van der Stel
De burgemeester,
Dirk Heijkoop
Bijlage
A
Volkshuisvestingsprogramma 2026 gemeente Hardinxveld-Giessendam
Voorwoord
In de Omgevingsvisie "Hardinxveld-Giessendam, Een frisse blik vooruit", is als ambitie op het gebied van wonen verwoord:
"In 2050 is Hardinxveld-Giessendam een dorp met een gevarieerd woningaanbod dat aansluit bij de bevolkingsopbouw en behoeften van verschillende doelgroepen, zoals ouderen, starters en gezinnen. Gemeente Hardinxveld-Giessendam is naast de eigen behoefte bereid ook een deel van de regionale woningbouwbehoefte op te nemen, passend bij de gemeenschap."
Als geboren en getogen inwoner van dit dorp weet ik dat veel inwoners dit een fijne plek vinden om te wonen en te leven. De afgelopen jaren zijn er veel woningen gebouwd in ons dorp, maar de vraag naar woningen blijft onverminderd hoog en neemt zelfs toe.
Het voorzien in voldoende, goede en betaalbare huisvesting voor álle huidige en toekomstige inwoners van Hardinxveld-Giessendam is een stevige ambitie van de gemeente. Hardinxveld-Giessendam is een aantrekkelijke vestigingsplaats voor mensen die onderdeel willen zijn van een vitale, sociale en actieve gemeenschap in een dorp met fijne voorzieningen: bereikbaarheid, kerken, scholen, cultuur en verenigingsleven. Vanuit woningzoekenden, woningcorporatie, bewonersvertegenwoordigingen en projectontwikkelaars wordt nadrukkelijk aangegeven dat er sneller en meer gebouwd moet worden. Er is behoefte aan een meer gedifferentieerd aanbod van woningen: huur en koop, voor starters, senioren, zorgbehoevenden, en andere aandachtsgroepen. Dit wordt door de gemeente herkend én erkend.
Om in deze behoefte te voorzien is er een stevige lokale aanpak nodig. Een aanpak die versnelling van de realisatie van geplande woningen aanjaagt, die ruimte creëert voor nieuwe plannen en die creatieve oplossingen zoekt voor tijdelijke en flexibele woonruimten. Dit alles gericht op onze wens dat Hardinxveld-Giessendam een goede woonplek is en blijft, voor onze huidige en toekomstige bewoners.
Voor u en jou ligt het eerste Volkshuisvestingsprogramma van de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Dit bouwt voort op onze Omgevingsvisie "Hardinxveld-Giessendam, Een frisse blik vooruit". In dit omgevingsprogramma beschrijven we hoe we werken aan een fijne woonplek in ons dorp. Ik realiseer me ook dat er onzekere omstandigheden zijn die van invloed zijn op ons programma wonen: van regelgeving tot onzekerheid op de woningmarkt. Desondanks zie ik dat, door een goede samenwerking met andere gemeenten in de regio en met alle bij het wonen betrokken lokale partijen we ook veel kunnen bereiken. Deze samenwerking zetten we graag voort, zodat Hardinxveld-Giessendam ook in de toekomst nog steeds een aantrekkelijk dorp is om in te wonen!
J.A. Meerkerk,
Wethouder Wonen
Hoofdstuk
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en doelstelling van het programma
De gemeente Hardinxveld-Giessendam staat voor een complexe volkshuisvestingsopgave. Er is een groeiende behoefte aan betaalbare, duurzame en passende woningen voor diverse doelgroepen, waaronder starters, ouderen, gezinnen, spoedzoekers en aandachtsgroepen. Deze ontwikkeling vraagt om een programmatische en integrale aanpak, passend binnen de kaders van de Omgevingsvisie en in samenhang met andere maatschappelijke opgaven. Met dit volkshuisvestingsprogramma geeft de gemeente richting aan de uitvoering van het gemeentelijke volkshuisvestingsbeleid voor de komende jaren. Het programma beschrijft de doelen, opgaven, maatregelen en instrumenten waarmee wij invulling geven aan een evenwichtige woningvoorraad, een rechtvaardige verdeling van woonruimte en een goede leefomgeving voor al onze inwoners.
1.2
Wettelijk kader
De Omgevingswet, die op 1 januari 2024 in werking is getreden, biedt gemeenten de mogelijkheid om via omgevingsprogramma’s uitvoering te geven aan hun beleid. Het Volkshuisvestingsprogramma is een omgevingsprogramma als bedoeld in artikel 3.4 van de Omgevingswet.
Daarnaast sluit dit programma aan op andere relevante wet- en regelgeving, waaronder:
Woningwet, waarin onder meer de samenwerking met woningcorporaties wordt geregeld;
Huisvestingswet 2014, die regels en instrumenten geeft over woonruimteverdeling en de huisvesting van urgent woningzoekenden;
(voorstel) Wet versterking regie op de Volkshuisvesting, waarin de overheid een meer sturende rol krijgt op het gebied van wonen en volkshuisvesting en waarmee nationale doelen een regionale en lokale doorwerking en -vertaling krijgen.
1.3
Relatie met de Omgevingsvisie en andere beleidsthema's
1.3.1
Omgevingsvisie als basis
Dit volkshuisvestingsprogramma is een uitwerking van de ambities uit de (ontwerp) Omgevingsvisie gemeente Hardinxveld-Giessendam 'Een frisse blik vooruit'. Met onze omgevingsvisie kijken we vooruit hoe onze gemeente er in de toekomst uit moet zien. De visie bevat doelen rondom wonen, werken, natuur, verkeer, energie en water. De overkoepelende ambitie op het gebied van wonen is dat de gemeente een gezonde, veilige, sociale en inclusieve leefomgeving wil realiseren voor de huidige en toekomstige inwoners en voldoende passende woningen wil bouwen om in de behoeften te voorzien.
Het volkshuisvestingsprogramma heeft daarnaast een samenhang met andere beleidsthema's zoals:
Duurzaamheid
Mobiliteit
Sociaal Domein (Wmo, jeugdzorg, participatie)
en andere ter uitwerking van de Omgevingsvisie op te stellen thematische of gebiedsgerichte programma's.
1.3.2
Volkshuisvestingsprogramma is de uitwerking voor het thema wonen en volkshuisvesting
Het Volkshuisvestingsprogramma is integraal en beleidsoverstijgend. De volkshuisvestelijke opgave is een veelzijdige uitdaging. Uitwerking van de thema’s vraagt om een integrale en domeinoverstijgende aanpak en samenwerking met andere beleidsvelden zoals sociaal domein, gezondheid, duurzaamheid, ruimtelijke ordening, mobiliteit en economie. Hoewel dit Volkshuisvestingprogramma zich vooral richt op wonen, leggen we ook verbindingen met deze aangrenzende beleidsvelden. Volkshuisvesting draait immers om meer dan alleen wonen; het gaat om samenleven en een thuis hebben in een omgeving waarin mensen naar elkaar omkijken en voor elkaar zorgen wanneer dat nodig is.
1.3.3
Het Volkshuisvestingsprogramma als basis voor uitvoeringsinstrumenten en prestatieafspraken
Het volkshuisvestingsprogramma vormt de basis voor:
een uitvoeringsagenda met concrete acties, maatregelen en instrumenten. Hierin benoemen we wie de actie oppakt, hoe, wanneer en met welke middelen;
prestatieafspraken tussen de gemeente, woningcorporatie Fien Wonen, Huurdersraad Hardinxveld-Giessendam en zorg- en welzijnsorganisaties;
afspraken met overige woningmarktpartners (zoals projectontwikkelaars, bouwers en initiatiefnemers).
1.4
Reikwijdte en looptijd van het programma
Het Volkshuisvestingsprogramma richt zich het meest concreet op de periode 2026-2030, maar met een doorkijk naar 2050 en omvat het gehele grondgebied van de gemeente. Het programma wordt eens in de vier jaar herzien, of wanneer ontwikkelingen dat nodig maken.
Met het Volkshuisvestingsprogramma werken we aan de volgende strategische doelen:
Verhoging van de woningbouwproductie
Versnelling van de uitvoering van woningbouwplannen
Vergroten van het aandeel sociale huur- en betaalbare woningen
Voorzien in de woonbehoefte van aandachtsgroepen en mensen met een binding aan de gemeente
1.5
Betrokken partners en participatieproces
Bij de totstandkoming van dit programma zijn diverse maatschappelijke en professionele partners geraadpleegd, waaronder woningcorporatie Fien Wonen, zorgorganisaties, projectontwikkelaars en bouwbedrijven en bewonersadviesgroepen. Ook is aan inwoners gelegenheid geboden tot participatie en het kunnen reageren op en leveren van input voor dit programma. De input uit deze afstemming heeft bijgedragen aan een gedragen en realistisch programma dat aansluit bij de behoeften van de samenleving.
1.6
Leeswijzer
Na dit inleidende hoofdstuk is in hoofdstuk 2 een infographic opgenomen met een samenvatting van dit programma. In de hoofdstukken 3, 4 en 5 wordt ingegaan op de thema's:
Woningbouw - woningbouwprogramma,
Wonen, zorg en welzijn - huisvesting aandachtsgroepen,
Toekomstbestendig wonen - duurzaamheid woningen en woonomgeving
door bij ieder thema de huidige situatie in beeld te brengen, de opgaven weer te geven en te beschrijven wat we gaan doen. Tenslotte wordt in de hoofdstukken 6 en 7 ingegaan op respectievelijk de Monitoring en evaluatie en op de Uitvoering van het programma.
Hoofdstuk
2
Programma in één oogopslag
Hoofdstuk
3
Thema: woningbouw - woningbouwprogramma
3.1
Ambitie
Hardinxveld-Giessendam wil een dorp zijn met een gevarieerd woningaanbod dat aansluit bij de bevolkingsopbouw en de behoeften van verschillende doelgroepen, zoals ouderen, starters en gezinnen. We staan voor grote uitdagingen op de woningmarkt. Met woningbouw kunnen we voorzien in behoeften die ontstaan door demografische ontwikkelingen, zoals de vergrijzing en afnemende huishoudensgrootte. Binnen de mogelijkheden willen we als eerste maximaal voorzien in de eigen behoefte. Aanvullend zijn wij bereid ook te voorzien in een deel van de regionale woningbouwbehoefte, passend bij onze gemeenschap. De afgelopen jaren zijn gemiddeld 80 nieuwe woningen per jaar gerealiseerd. Voor de komende jaren zetten we in op een bandbreedte aan nieuwbouw van gemiddeld tussen de 80 en 125 woningen per jaar.
3.2
Huidige situatie
De woningvoorraad in Hardinxveld-Giessendam bestaat voor ruim 2/3 uit koopwoningen, een paar procent aan particuliere huurwoningen en ruim een kwart sociale huurwoningen.
Bijna 80% van de woningen zijn ééngezinswoningen, ruim 20% van de voorraad betreft appartementen. (bron: Woningmarktanalyse Drechtsteden; dit onderzoek is als bijlage 1 bij dit programma opgenomen).
De woningen in onze gemeente zijn gemiddeld groter van omvang dan regionaal gemiddeld in de Drechtsteden.
3.2.1
Bevolkingsomvang en -ontwikkeling
Het aantal inwoners van Hardinxveld-Giessendam is de afgelopen jaren gestaag toegenomen en bedraagt per 1 januari 2025 19.123 personen. De laatste jaren is sprake van een vestigingsoverschot: er komen meer mensen van elders in Hardinxveld-Giessendam wonen dan dat er mensen vertrekken naar elders.
3.2.2
Bevolkings- en huishoudenssamenstelling
In onze gemeente zijn er in vergelijking tot regionale en landelijke gemiddelden meer jongeren en minder inwoners in de leeftijd 40 - 65 jaar.
In de huishoudensverdeling valt op dat in Hardinxveld-Giessendam minder alleenstaanden en meer huishoudens met kinderen zijn dan regionaal en landelijk gemiddeld.
3.3
Opgave
Uitgaande van de huidige bevolking (los van het effect van een bevolkingstoename als gevolg van verhuizing en woningbouw) zet in Hardinxveld-Giessendam de komende jaren de nu al waarneembare vergrijzing verder door: het aantal mensen van 65 jaar en ouder, en daarbinnen met name het aantal 80-plussers, neemt aanzienlijk toe.
| Prognose | 2024 | 2030 | 2040 | verschil 2024 - 2040 |
|---|---|---|---|---|
| 0 - 19 jaar | 4.730 | 4.770 | 4.800 | 1% |
| 20 - 64 jaar | 10.350 | 10.010 | 9.610 | -7% |
| 65 - 79 jaar | 2.690 | 2.910 | 3.060 | 14% |
| 80+ jaar | 970 | 1.280 | 1.610 | 66 % |
3.3.1
Ontwikkeling huishoudens
Verder is, in lijn met landelijke ontwikkelingen, een toename van het aantal alleenstaanden in alle leeftijdscategorieën te verwachten. Specifiek voor senioren is dit in de woonzorganalyse als volgt in beeld gebracht (Woonzorganalyse Hardinxveld-Giessendam is als bijlage 3 bij dit programma opgenomen):
3.3.2
Woningbehoefte
Zowel op de markt voor koop- als voor huurwoningen bestaat een forse en toenemende druk. Dit leidt tot stijgende woningprijzen en tot een forse groei van het aantal ingeschreven woningzoekenden voor een sociale huurwoning, een toename van de inschrijf- en zoektijd en verdubbeling in korte tijd van het aantal reacties op vrijkomende huurwoningen. Zichtbaar is een druk op de woningmarkt in Hardinxveld-Giessendam vanuit de rest van de regio en daarbuiten, waardoor de positie van woningzoekenden met een binding aan de gemeente onder druk staat.
In de Woningmarktanalyse Drechtsteden is de eigen woningbehoefte voor Hardinxveld-Giessendam voor een periode van 10 jaar tot 2035 berekend op 740 extra te bouwen woningen. De woonzorganalyse geeft een verbijzondering voor de behoefte aan woningen voor een aantal bijzondere doelgroepen. Voor de periode tot 2030 is er behoefte aan 35 zorggeschikte, 50 geclusterde en 160 nultredenwoningen.
Nultredenwoningen: zelfstandige woningen die zowel intern als extern zonder trap te lopen toegankelijk zijn voor mensen met een beperking.
Geclusterde woningen: een woonvorm met levensloopbestendige woningen, waarbij mensen zelfstandig kunnen wonen en er een ontmoetingsruimte is gericht op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel.
Zorggeschikte woningen: woningen in complexen met een ontmoetingsruimte, ruimere kamers en bredere gangen, zodat zorgverleners voldoende ruimte hebben om in de woning ook langdurige en intensieve zorg te verlenen.
Uit de hiervoor geschetste ontwikkelingen blijkt dat de komende jaren sprake blijft van een forse woningbehoefte, waarbij meer dan voorheen behoefte bestaat aan de toevoeging van sociale huur en betaalbare woningen, woningen voor alleenstaanden/kleinere huishoudens, woningen geschikt voor senioren en andere aandachtsgroepen en aan appartementen. Daarbij blijft eveneens (maar een kleinere dan voorheen) behoefte bestaan aan koopwoningen en aan grotere, duurdere eengezinswoningen.
We voorzien een lokale behoefte waar we in de eerste plaats in willen voorzien van gemiddeld 80 woningen per jaar. In aanvulling daarop willen we voor een deel van de regionale behoefte van specifieke doelgroepen en aan met name grondgebonden woningen voorzien door het bouwprogramma te verhogen tot gemiddeld 125 woningen per jaar.
Vergroting van het aandeel sociale huurwoningen is niet vrijblijvend en we zullen financiële en juridische instrumenten ontwikkelen om de bouw van voldoende sociale huurwoningen te borgen.
3.3.3
Versnelling woningbouw
Met ondersteuning vanuit het landelijke Expertteam Versnelling Woningbouw hebben we in 2025 onderzocht welke verbeteringen mogelijk zijn in de werkwijzen in de gemeentelijke organisatie om een bijdrage leveren aan een versnelling van de woningbouw in onze gemeente. De uitkomsten van dit onderzoek zijn als bijlage 4 bij dit Volkshuisvestingsprogramma opgenomen. De aanbevelingen hebben onder andere betrekking op verbetering van het projectmatig werken en versterking van de integrale advieskracht in de organisatie. Deze aanbevelingen betrekken we bij de uitvoering van dit programma en nemen we op in de in het eerste kwartaal van 2026 voor het eerst op te stellen uitvoeringsagenda.
3.4
Wat gaan we doen?
We voorzien voor de periode tot 2050 een woningbouwprogramma van in totaal zo'n 2.500 woningen. Het als bijlage 5 bij dit programma gevoegde overzicht is hiervoor de basis. Dit overzicht werken we in 2026 uit tot een plannings- en monitoringssysteem. Daarbij betrekken we een uitwerking van de grotere gebiedsontwikkelingen zoals in 't Oog, een uitbreiding van de kern Boven-Hardinxveld en de stationslocaties.
We bouwen in de periode tot 2040 in een bandbreedte van gemiddeld 80 tot 125 nieuwe woningen per jaar. Tot 2030 bouwen we aan bovenkant van deze bandbreedte, gemiddeld 100 tot 125 woningen per jaar. Daarbij bouwen we als eerste om te voorzien in de lokale behoefte van gemiddeld 80 woningen per jaar en plussen dat op tot een bouwprogramma van gemiddeld 125 woningen per jaar om te voorzien in een deel van de regionale behoefte van specifieke doelgroepen en aan met name grondgebonden woningen.
Het woningbouwprogramma bestaat voor minimaal 2/3 uit betaalbare woningen en voor 1/3 van het totale programma uit sociale huurwoningen. De overige woningen behoren tot de categorie dure woningen.
Om tot een versnelling van de woningbouwproductie te komen nemen we de aanbevelingen uit het in 2025 uitgevoerde Versnellingsonderzoek ter hand en betrekken deze bij de op te stellen Uitvoeringsagenda.
Ter verhoging van de woningbouwproductie en vergroting van het aandeel betaalbare woningen voeren we een actiever grondbeleid.
Ter stimulering van de bouw van voldoende sociale huurwoningen stellen we een Vereveningsfonds sociale huurwoningen in. Hiertoe werken we in 2026 een separaat (raads)voorstel uit.
We bouwen gedifferentieerd in een mix van appartementen en grondgebonden woningen en bepalen de differentiatie per project, afhankelijk van de behoefte en de mogelijkheden en kansen van de locatie.
We bouwen toekomstbestendig: duurzaam, woningen die geschikt zijn voor diverse en toekomstige doelgroepen met als uitgangspunt levensloopbestendigheid.
We realiseren tot 2035 in ieder geval 160 nultredenwoningen, 50 geclusterde woningen en 35 zorggeschikte woningen.
We bieden meer ruimte en starten pilots voor vernieuwende woonconcepten zoals tijdelijke woonvormen, initiatieven tot woningdelen en -splitsen, hospitaverhuur en Kamers met aandacht, tiny houses, (pre)mantelzorgwoningen en (meer)generatiewoningen en we stimuleren de transformatie van bestaande locaties en gebouwen naar wonen. We stimuleren dat in deze woonvormen gemiddeld 25 woonruimten per jaar worden toegevoegd.
We bouwen in een mix van inbreidings- en uitbreidingsplannen binnen het kader van de Omgevingsvisie en conform het woningbouwprogramma met op dit moment bekende locaties in bijlage 5.
We inventariseren in 2026 wat daarnaast kansrijke locaties zijn voor herontwikkeling in het bestaand bebouwd gebied en maken een prioritering aan welke locaties wel of niet medewerking wordt verleend, afhankelijk van hun bijdrage aan realisatie van de doelstellingen van dit programma en benodigde gemeentelijke inzet.
We stimuleren dat woningen zoveel mogelijk voorzien in de lokale behoefte en zorgen bij de toewijzing, binnen de wettelijke mogelijkheden, voor voorrang van mensen met een binding aan onze gemeente.
We stellen in 2026 een huisvestingsverordening op waarin we de toewijzing vastleggen aan aandachtsgroepen en voorrang bij daarvoor in aanmerking komende woningen voor mensen met een binding aan de gemeente.
Hoofdstuk
4
Thema: wonen, zorg en welzijn – huisvesting aandachtsgroepen
4.1
Ambitie
In Hardinxveld-Giessendam wonen inwoners op een bij hun leeftijd of gezondheidssituatie passende plek en in een voor hun situatie passende woning. Iedereen kan de hulp en zorg ontvangen die nodig zijn; voorzieningen zijn in de nabije omgeving te vinden. We willen bereiken dat inwoners langer zelfstandig of weer zelfstandig kunnen wonen en leven.
We zien een structurele opgave voor de huisvesting van kwetsbare doelgroepen in de sociale huur. Hardinxveld-Giessendam levert hierin de (regionale) bijdrage die naar rato van de omvang van de gemeente verwacht mag worden. Op regionaal niveau maken we afspraken over een evenwichtige verdeling van aandachtsgroepen. We begeleiden onze kwetsbare inwoners zo veel mogelijk lokaal in de eigen woonomgeving, maar werken regionaal samen wanneer zware, specialistische zorg nodig is. Om kwetsbare inwoners veilig en plezierig in de wijk te laten wonen, willen we zorgen voor een goede balans in draagkracht en draaglast in elke wijk.
Op regionaal niveau wordt gewerkt aan een aanpak van dakloosheid. Uitgangspunt daarbij is dat een eigen, stabiele woonplek de basis vormt voor herstel, veiligheid en maatschappelijke participatie.
Hardinxveld-Giessendam is dementievriendelijk. Wij zetten ons actief in om mensen met dementie en hun mantelzorgers zo lang mogelijk mee te laten doen in de samenleving.
4.2
Huidige situatie
De gemeente kent een groeiende groep ouderen en kwetsbare doelgroepen, waaronder mensen met een zorgbehoefte en (jong)volwassenen die ondersteuning nodig hebben bij het zelfstandig wonen. In de toekomst nemen deze groepen in omvang naar verwachting verder toe. De Woningmarktanalyse signaleert dat het huidige aanbod voor deze groepen nog onvoldoende aansluit op de specifieke behoeften. De Omgevingsvisie benadrukt het belang van een integrale gebiedsontwikkeling waarin wonen, zorg en welzijn samenkomen.
4.2.1
Zelfstandige wonende inwoners met een aandoening
In de woonzorganalyse is de huidige situatie en de verwachte ontwikkeling van het aantal inwoners met een aandoening dat zelfstandig woont in het volgende overzicht in beeld gebracht:
| Prognose | 2022 | 2030 | 2040 | verschil 2022 - 2040 |
|---|---|---|---|---|
| Dementie (extramuraal) | 230 | 278 | 338 | +32% |
| Licht verstandelijk beperkt | 380 | 396 | 416 | +9% |
| Matig of ernstig verstandelijk beperkt | 30 | 30 | 30 | 0% |
| Somatische problematiek | 760 | 744 | 724 | -5% |
| Zintuiglijke aandoeningen | 950 | 998 | 1058 | +10% |
| Angststoornissen/depressies | 730 | 842 | 982 | +26% |
| Psychiatrische problematiek | 210 | 210 | 210 | 0% |
| Mogelijke ambulante jeugdhulpverlening | 470 | 454 | 434 | -8% |
Uit bovenstaande tabel blijkt dat het aantal inwoners van 60 jaar en ouder met dementie dat zelfstandig woont de komende jaren fors toeneemt. In 2022 gaat het nog om een totaal van 230 inwoners, in 2040 neemt dit naar verwachting toe met 32% tot 338 inwoners. Hardinxveld-Giessendam wil een dementievriendelijke gemeente zijn om een veilige en vertrouwde omgeving te blijven bieden aan deze groeiende groep inwoners. Doel is dat mensen met dementie zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen en als volwaardige inwoners aan de samenleving kunnen deelnemen.
Uit bovenstaand overzicht blijkt voorts dat het aantal inwoners van 19 jaar en ouder met angststoornissen/depressies neemt toe met 26%, van 730 inwoners in 2022 naar 982 inwoners in 2040. Verder wordt in de woonzorganalyse geconcludeerd dat in Hardinxveld-Giessendam, op basis van demografische ramingen, relatief weinig inwoners met beperkingen wonen in vergelijking met Nederland en Zuid-Holland. Ook ouderdom gerelateerde beperkingen zoals mobiliteit in- en buitenshuis komen een stuk minder vaak voor dan landelijk en provinciaal.
In Hardinxveld-Giessendam wonen, in vergelijking tot landelijke en regionale gemiddelden, meer inwoners in een intramurale voorziening voor ouderen- en gehandicaptenzorg (intramurale zorg = zorg die mensen ontvangen gedurende een onafgebroken verblijf in een instelling). Daarentegen is het aantal inwoners met een GGZ-indicatie weer aanzienlijk lager, waarschijnlijk vanwege het beperkte aanbod van een woonvoorziening voor deze doelgroep.
4.2.2
Jeugdzorg
In Hardinxveld-Giessendam zijn in totaal 445 jongeren van 0 - 23 jaar die jeugdzorg krijgen. Dit is procentueel lager dan in Zuid-Holland en in Nederland (8,0% in Hardinxveld-Giessendam tegenover 10,1% in Zuid-Holland en 10,5% in Nederland). Van deze 445 jongeren kregen 60 jeugdhulp met verblijf. Voor de jeugdbescherming (0-18 jaar) wijkt Hardinxveld-Giessendam met 0,2% af van het landelijk en Zuid-Hollandse aandeel.
4.2.3
Voorzieningen met (tijdelijk) verblijf
In totaal zijn er in de Woonzorganalyse 17 voorzieningen geïnventariseerd, verdeeld over verschillende doelgroepen en vormen van wonen en zorg. Voor ouderen zijn er vijf intramurale locaties met in totaal 218 plekken. Daarnaast zijn er in één voorziening 86 extramurale zorggeschikte plekken voor senioren (aanleunwoningen) en 265 extramuraal geclusterde plekken, verdeeld over vier seniorenflats. Voor de mensen met een beperking (gehandicaptenzorg) zijn er 32 intramurale plekken. Verder zijn er voor zowel mensen met een beperking als jongeren in de jeugdzorg acht intramurale plekken en 12 plekken voor tijdelijk verblijf. Er zijn 10 extramurale geclusterde plekken voor de doelgroep GGZ/Autisme.
| Doelgroep | Intramuraal | Extramuraal geclusterd | Extramuraal zorggeschikt | Tijdelijk | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Ouderen | 218 | - | - | - | 218 |
| Senioren | - | 265 | 86 | - | 351 |
| GHZ | 32 | - | - | - | 32 |
| GHZ/Jeugdzorg | 8 | - | - | 12 | 20 |
| GGZ | - | 10 | - | - | 10 |
| Totaal | 258 | 275 | 86 | 12 | 631 |
4.2.4
Inwoners die (dreigend) dakloos zijn
In 2024 heeft de gemeente Hardinxveld-Giessendam 8 nieuwe cliënten in de maatschappelijke opvang geregistreerd. Bij het sociaal team worden jaarlijks nog zo’n 5 tot 10 dak- of thuisloze inwoners gezien, waarbij het vaak situaties van complexe scheiding betreft. De gemeente Hardinxveld-Giessendam is daarnaast in voorbereiding om het aantal dak- en thuisloze inwoners op regionaal niveau in kaart te brengen volgens de Ethos Light-methodiek. De resultaten hiervan zullen naar verwachting in 2026 beschikbaar zijn.
4.2.5
Inwoners die uitstromen vanuit intramurale (zorg)instellingen
In 2024 waren er in Hardinxveld-Giessendam 18 inwoners die vanuit een zorginstelling of begeleid wonen-traject verder gingen met een vorm van zelfstandig(er) wonen. Van deze groep woonden 16 inwoners het hele jaar al in de gemeente. Zij kregen eerst zorg via een bovenregionaal traject (BW&O), maar zijn in de loop van het jaar overgestapt naar een lokale vorm van ondersteuning. Twee andere inwoners verhuisden in 2024 vanuit een opvanglocatie naar een woning in Hardinxveld-Giessendam. Bij hen is dus echt sprake van een verhuizing van buiten de gemeente naar zelfstandig wonen binnen de gemeente.
4.2.6
Inwoners met een medische of sociale urgentie
In de gemeente Hardinxveld-Giessendam zijn 167 woningen beschikbaar gekomen en verhuurd in 2024. Hiervan gingen er 34 (20%) naar voorstromers; dit zijn woningzoekenden die voorrang krijgen bij de toewijzing van sociale huurwoningen. Deze voorrang kan gebaseerd zijn op een urgentieverklaring of andere vormen van directe bemiddeling. Hieronder vallen ook de inwoners met een medische of sociale urgentie. In de regio Drechtsteden ging dit in 2024 om 1.051 verhuringen (43% van het totaal aantal verhuringen) aan voorstromers. Van de groep voorstromers hadden 532 personen een urgentieverklaring. Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam geldt dat er in 2024 6 voorstromers waren die een urgentieverklaring hadden. Het ging hierbij om 2 personen met medische urgentie, 3 personen met een sociale urgentie en 1 persoon met een urgentie als gevolg van uitstroom uit een instelling. Het aantal verstrekte urgenties kan per jaar variëren, zo werden er in de gemeente Hardinxveld-Giessendam in 2023 14 urgenties verstrekt.
4.2.7
Wijkverpleging
In Hardinxveld-Giessendam ontvangen 240 inwoners een vorm van wijkverpleging, waarvan het merendeel (150) 80 jaar of ouder is. De zorg wordt vrijwel volledig geleverd via de integrale prestatie wijkverpleging, wat erop wijst dat persoonlijke verzorging en verpleging doorgaans gecombineerd worden aangeboden.
4.2.8
Zelfstandig wonende inwoners - Wmo
In de leeftijdsgroep 85+ jaar zitten de meeste inwoners die een maatwerkvoorziening vanuit de Wmo ontvangen. Het grootste deel hiervan krijgt het type maatwerkarrangement ‘Hulpmiddelen en diensten’. Dit type bestaat uit huishoudelijke ondersteuning, vervoersdiensten, rolstoelen, vervoersvoorzieningen, woonvoorzieningen en overige hulpmiddelen.
| Leeftijdsgroepen | <18 | 18 tot 23 | 18 tot 65 | 65 tot 75 | 75 tot 85 | 85+ |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | 25 | 30 | 370 | 140 | 345 | 350 |
| Hulp bij het huishouden | . | . | 90 | 60 | 195 | 155 |
| Hulpmiddelen en diensten, totaal | 25 | 10 | 210 | 115 | 260 | 305 |
| Ondersteuning thuis, totaal1)Hier vallen de volgende productcategorieën onder: 02 Begeleiding, 03 Persoonlijke verzorging, 04 Kortdurend Verblijf, 06 Overige ondersteuning gericht op het individu of huishouden/gezin, 07 Dagbesteding, 09 Overige groepsgerichte ondersteuning, 10 Overige maatwerkarrangementen. | . | 25 | 180 | 15 | 30 | 40 |
| Begeleiding | . | 25 | 155 | 10 | . | . |
| Dagbesteding | . | . | 50 | 15 | 25 | 40 |
4.2.9
Statushouders
Voor de huisvesting van statushouders krijgt de gemeente tweemaal per jaar een taakstelling van de rijksoverheid voor het aantal te huisvesten personen. De afgelopen jaren bedroeg de taakstelling zo'n 30 -40 personen per jaar. In 2025 voldoet de gemeente aan de taakstelling en heeft geen achterstand bij het huisvesten van statushouders.
4.2.10
Woonwagenbewoners
De gemeente Hardinxveld-Giessendam heeft 1 woonwagenlocatie aan de Rijnstraat die bestaat uit 6 standplaatsen. Op deze locatie wonen leden van 1 familie met elkaar samen. In het in 2024 uitgevoerde behoefteonderzoek onder de woonwagenbewoners is gebleken dat op korte termijn behoefte is aan 4 extra standplaatsen. Onderzocht wordt of een uitbreiding van de huidige locatie mogelijk is om in deze behoefte te voorzien. Als deze uitbreiding gerealiseerd wordt is voor de korte termijn voorzien in de woningbehoefte onder de woonwagenbewoners.
4.2.11
Arbeidsmigranten
Onbekend is hoeveel arbeidsmigranten op dit moment in Hardinxveld-Giessendam werken of wonen. In 2021 is hier onderzoek naar gedaan en binnenkort worden waarschijnlijk actuele regionale onderzoeksgegevens bekend, maar actuele informatie over de lokale situatie ontbreekt. Duidelijk is wel dat in onze gemeente een aanzienlijk aantal personen werkzaam is in met name de maritieme sector en de bouwnijverheid.
4.3
Opgaven
| Zorgdoelgroep | Vraagontwikkeling | Huidig aanbod | Te realiseren aanbod |
|---|---|---|---|
| Inwoners met dementie, somatische problematiek | In 2023 hebben 220 65-plussers een Wlz-indicatie voor Verpleging en Verzorging.Het aantal inwoners met dementie dat zelfstandig woont stijgt van 230 in 2022 naar 338 in 2040.Het aantal inwoners met somatische problematiek daalt van 760 in 2022 naar 724 in 2040. | Intramuraal Verpleeghuisplaatsen 218 plekkenExtramuraal Geclusterde woonvorm 265 plekkenZorggeschikt 86 plekken | Vanuit het Rijk is er een doorrekening gemaakt van de behoefte/opgave aan ouderenhuisvesting. Voor Hardinxveld-Giessendam geldt dat tot en met 2030:●35 zorggeschikte woningen,●50 geclusterde woningen en●160 nultredenwoningenaangevuld moeten worden op de woningvoorraad. |
| Inwoners met een beperking: licht, matig of ernstig verstandelijk beperkt of een zintuiglijke aandoening | Het aantal inwoners met een licht verstandelijke beperking stijgt van 380 in 2022 naar 416 in 2040.Het aantal inwoners met een matige of ernstige verstandelijke beperking blijft gelijk, 30 in 2022 en 30 in 2040.Het aantal inwoners met een zintuigelijke aandoening neemt met 46 toe, van 60 in 2022 naar 106 in 2040. | Intramuraal 32 plekkenTijdelijk 12 plekken | Door de lichte stijging als gevolg van demografische ontwikkelingen zou de huidige capaciteit toereikend moeten zijn om in de lokale behoefte te voorzien. Er moet vooral gekeken worden naar de kwalitatieve vraagontwikkeling. |
| Inwoners met angst- en stemmingsproblematiek of psychiatrische problematiek | Het aantal inwoners met angst- en stemmingsproblematiek groeit, van 730 in 2022 naar 982 inwoners in 2040.Daarnaast zijn er in 2022 zo’n 210 inwoners met psychiatrische problematiek, dit blijft naar verwachting 210 in 2040. Niet al deze inwoners doen per definitie een beroep op een woonzorgvoorziening. | Intramuraal 0 plekken (beschermd wonen)Extramuraal 10 plekken (geclusterd)In 2021 kwam 1% van het aantal cliënten dat gebruikmaakte van een BW-voorzieningen in de regio uit Hardinxveld-Giessendam. Het gaat om circa 17 cliënten met een BW-Wmo indicatie. Daarnaast verblijven nog circa 15 cliënten met een BW-Wlz (GGZ-Wonen) indicatie in Hardinxveld-Giessendam. | In kwantitatieve zin is de huidige capaciteit niet toereikend om de lokale behoefte op te vangen. Er is immers geen intramuraal aanbod in Hardinxveld-Giessendam voor beschermd wonen. Wel is er een klein-schalige, extramurale woonvoorziening.Afspraken over het benodigde aanbod dienen regionaal te worden afgestemd. |
| Jongeren en hun ouders: met opgroei en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen | Op basis van demografische kenmerken wordt het aantal inwoners dat een beroep doet op Jeugdhulp-verlening geraamd op 470 inwoners in 2022 en 434 inwoners in 2040.In de praktijk maakten in 2022 circa 445 inwoners gebruik van de Jeugdzorg. Het gros ontving deze zorg ambulant. Circa 60 inwoners ontvingen Jeugdzorg met verblijf. | Intramuraal 8 plekken Het geïnventariseerd aantal intra-murale plekken ligt aanzienlijk lager dan het aantal inwoners met een indicatie voor verblijf in een pleeg-gezin, gezinshuis, leef- of behandel-groep, gesloten afdeling, GGZ-instelling of soortgelijke locaties waar jeugdhulp geleverd wordt. | Het gebruik van Jeugdzorg ligt in de praktijk hoger dan wat op basis van demografische kenmerken wordt verwacht. Ook wordt in de praktijk eerder een toename ervaren van het gebruik van Jeugdzorg, dan een afname. Afspraken over het benodigde aanbod dienen (boven)regionaal te worden afgestemd. |
| Ouderen: waaronder ouderen die in mobiliteit en psychische vermogens achteruit gaan | Het aantal 65-plussers neemt toe van 3.660 in 2024 naar 4.670 in 2040, een stijging van 28%. | Intramuraal Verpleeghuisplaatsen 218 plekkenExtramuraal Geclusterde woonvorm 265 plekkenZorggeschikt 86 plekken | Vanuit het Rijk is er een doorrekening gemaakt van de behoefte/opgave aan ouderenhuisvesting. Voor Hardinxveld-Giessendam geldt dat tot en met 2030: ●35 zorggeschikte woningen,●50 geclusterde woningen en●160 nultredenwoningen aangevuld moeten worden op de woningvoorraad. |
| Inwoners die (dreigend) dakloos zijn | Voor de Maatschappelijke Opvang gaat het in de regio om circa 80 (zelfstandige) woningen1)Regionaal onderzoek ‘Zorglandschap Beschermd Wonen en Opvang. Een onderzoek voor de regio Drechtsteden en Alblasserwaard’ (mei 2023). in 2024, oplopend tot circa 175 (zelfstandige) woningen in 2030.De totale groep inwoners die (dreigend) dakloos zijn kan in de praktijk hoger liggen. Bankslapers en personen die in niet-conventionele woonruimten verblijven zijn niet in beeld gebracht (cijfers hierover ontbreken). | In Hardinxveld-Giessendam is er één gedeelde woonvoorziening met 3 plekken voor tijdelijke opvang bij crisis of dakloosheid. Er is geen 24/7 ondersteuning aanwezig.In het geval van dakloosheid in combinatie met een zwaardere zorgvraag zijn inwoners aangewezen op voorzieningen in de regio. | Circa 1% van de cliënten in de MO/BW komt uit Hardinxveld-Giessendam. Uitgaande van uitstroom naar de gemeente van herkomst gaat het om circa 1 tot 2 (zelfstandige) wooneenheden per jaar. |
| Inwoners die uitstromen vanuit intramurale (zorg)instellingen | Voor Beschermd Wonen gaat het in de regio om circa 105 woningen in 2024, oplopend tot circa 205 woningen in 2030. | In Hardinxveld-Giessendam zijn er geen intra-murale voorzieningen voor Beschermd Wonen. | Circa 1% van de cliënten in de MO/BW komt uit Hardinxveld-Giessendam. Uitgaande van uitstroom naar de gemeente van herkomst gaat het om circa 1 tot 2 (zelfstandige) wooneenheden per jaar. Naar verwachting wordt binnenkort de Regeling verlaten instellingen vastgesteld. Hierin is voor Hardinxveld-Giessendam een aantal van 6 uitstromers afgesproken. Dit gaat om uitstroom uit MO/BW, Jeugdzorg en detentie. |
| Inwoners met een medische of sociale urgentie | In 2024 gaat het om 2 personen met medische urgentie en 3 personen met een sociale urgentie. | In 2024 zijn er 34 verhuringen geweest aan voorstromers, waaronder ook de inwoners met een medische of sociale urgentie vallen. | Het aantal verstrekte urgenties kan per jaar variëren, zo werden er in Hardinxveld-Giessendam in 2023 14 urgenties verstrekt. De verwachting is dat het aantal inwoners met een medische of sociale urgentie de komende jaren, mede door demografische en sociaal-economische ontwikkelingen verder groeit. Dit zal de druk op de sociale woningvoorraad verder doen toenemen. |
Met Fien Wonen en met zorgpartijen stemmen we af welke maatregelen of aanvullende voorzieningen nodig zijn voor een goede ondersteuning van de groeiende groep inwoners met dementie.
4.3.1
Woonwagenbewoners
De gemeente Hardinxveld-Giessendam wil de diverse doelgroepen in de gemeente de mogelijkheid bieden om te wonen op een wijze en op een locatie die passend is voor de betreffende groep. Daarbij is het uitgangspunt om voor inwoners uit verschillende doelgroepen gelijke mogelijkheden, rechten en plichten te bieden. Dit betekent dat de gemeente ook wil faciliteren dat in de woonbehoefte van woonwagenbewoners in Hardinxveld-Giessendam wordt voorzien.
Uit het in 2024 uitgevoerde behoefteonderzoek is gebleken dat 4 extra woonwagenstandplaatsen nodig zijn om te voorzien in de actuele behoefte van in de gemeente woonachtige en aan de gemeente verbonden woonwagenbewoners. Naar aanleiding van dit onderzoek is besloten om in deze behoefte te willen voorzien en is voorkeur uitgesproken om de extra standplaatsen te realiseren middels een uitbreiding van de huidige woonwagenlocatie aan de Rijnstraat. Andere locaties zijn vooralsnog niet in beeld.
Bij de aanleg van standplaatsen en de plaatsing van woonwagens wordt ernaar gestreefd om zoveel mogelijk te voldoen aan de eisen ten aanzien van energiezuinigheid en duurzaamheid, voor zover dit bij deze woonvorm haalbaar en realistisch is.
De woonwagenbewoner moet de keuze kunnen maken tussen een huur- of eigen wagen, een en ander binnen de mogelijkheden en randvoorwaarden van financiering en van inkomensgrenzen (zoals die gelden voor de primaire doelgroep van de woningcorporatie).
De gemeente zoekt naar een passende vorm voor het eigendom van de standplaats (verkoop of uitgeven in erfpacht aan de bewoners danwel Fien Wonen), zodat zowel de plaatsing van een huur- als koopwoonwagen mogelijk is. Het is wenselijk om regels vast te stellen over de volgorde waarin woonwagenbewoners in aanmerking komen voor een standplaats en een huurwagen. Uitgangspunt is daarbij dat mensen die verbonden zijn aan de huidige familie die op het woonwagencentrum woont met voorrang in aanmerking komen. Voor de onderlinge volgorde tussen in aanmerking komende bewoners gelden de algemene volgordecriteria voor sociale huurwoningen.
4.3.2
Statushouders
De jaarlijkse taakstelling voor huisvesting van statushouders bedraagt zo'n 25 tot 40 personen. We gaan er vooralsnog vanuit dat deze jaarlijkse taakstelling ook de komende jaren gecontinueerd wordt. De gemeente wil aan deze taakstelling blijven voldoen.
4.3.3
Arbeidsmigranten
Er is een toenemende vraag naar huisvesting voor arbeidsmigranten in de nabijheid van hun werkomgeving, maar de omvang van de behoefte is niet bekend. Per geval wordt afgewogen of medewerking kan worden verleend aan initiatieven voor de realisatie van huisvesting voor arbeidsmigranten.
4.4
Wat gaan we doen?
Op regionaal niveau maken we in 2026 afspraken rond de huisvesting van aandachtsgroepen en urgent woningzoekenden.
In 2027 zijn 4 extra standplaatsen gerealiseerd om in de actuele behoefte van woonwagenbewoners te voorzien. De standplaatsen zijn op een bij de wensen en mogelijkheden van de bewoners passende wijze verkocht of (in erfpacht) verhuurd aan de bewoners of aan Fien Wonen.
We stellen in 2026 een Huisvestingsverordening op waarin regels worden opgenomen voor de volgorde van toewijzing van woonruimte aan woningzoekenden uit de aandachtsgroepen en urgent woningzoekenden, waaronder woonwagenbewoners die staan ingeschreven voor een standplaats en huurwoonwagen.
Tot 2035 worden minimaal 35 zorggeschikte woningen, 50 geclusterde woningen en 160 nultredenwoningen gerealiseerd.
We maken in 2026 regionaal afspraken over de huisvesting van arbeidsmigranten en onderzoeken bij concrete initiatieven in hoeverre het verantwoord is om meer ruimte te bieden voor huisvesting op passende locaties.
We voldoen (voor zover deze door de rijksoverheid wordt opgelegd) aan de taakstelling voor huisvesting van statushouders, waarbij de mogelijkheden voor innovatieve vormen van huisvesting zoals woningdelen worden onderzocht. We starten hiervoor in 2026 een eerste pilot.
We stimuleren dat nieuw te bouwen woningen levensloopbestendig zijn.
We bevorderen het geschikter maken van bestaande woningen voor senioren en stimuleren de doorstroming naar een gelet op de levensfase van bewoners meer passende woning.
We stimuleren de plaatsing van mantelzorgwoningen en pré-mantelzorgwoningen en verruimen waar mogelijk de ruimte voor vergunningsvrij bouwen.
We bieden ruimte voor pilots voor innovatieve woonvormen, zoals woningdelen, hospitaverhuur, Kamers met aandacht en (meer)generatiewoningen. Waar nodig verlenen we vrijstelling van regelgeving op passen deze aan.
We stimuleren kleinschalige woonprojecten voor jongeren die uitstromen uit zorginstellingen en andere doelgroepen conform de regionale afspraken in het kader van beschermd wonen en opvang.
We stimuleren de realisatie van nieuwe hybride woonzorgconcepten, bijvoorbeeld in de vorm van een Knarrenhof of Thuishuis, waar zelfstandig wonen begeleid wordt met vormen van gezamenlijkheid en begeleiding.
We bevorderen de aanpassing van bestaande woningen, zodat mensen langer in hun vertrouwde woning en omgeving kunnen blijven wonen.
We maken of actualiseren periodiek prestatieafspraken met Fien wonen en met zorgpartijen voor de uitvoering van de voor deze partijen relevante onderwerpen.
Hoofdstuk
5
Thema: toekomstbestendig wonen – duurzaamheid woningen en woonomgeving
5.1
Ambitie
Hardinxveld-Giessendam wil een gemeente zijn met leefbare en toekomstbestendige wijken, waar onze inwoners fijn, veilig en gezond wonen. We staan voor de uitdaging om onze leefomgeving energiezuinig, klimaatadaptief en toekomstbestendig te maken. Het grootste deel van de toekomstige woningvoorraad in onze gemeente is al gebouwd, waardoor aandacht voor de huidige woningvoorraad essentieel is voor de woonkwaliteit van onze inwoners. Dit omvat het verbeteren van de fysieke staat en het optimaal benutten van de voorraad en het aanpassen van woningen aan veranderende behoeften. Voor een toekomstbestendige leefomgeving moeten we ook de bestaande infrastructuur verduurzamen en toewerken naar een duurzaam mobiliteitssysteem. De openbare ruimte moet worden ingericht met circulaire, groene en klimaatbestendige oplossingen die bijdragen aan een gezonde en duurzame toekomst voor onze inwoners.
5.2
Huidige situatie
5.2.1
Leefbaarheid
De leefbaarheid in Hardinxveld-Giessendam is over het algemeen goed te noemen (zie figuur 8). (Bron: Woonzorganalyse). De hiervoor landelijk gehanteerde Leefbarometer beoordeelt de leefbaarheid op basis van verschillende indicatoren zoals voorzieningen, veiligheid, fysieke omgeving, sociale omgeving en woningmarkt. Dit betekent dat de meeste inwoners van onze gemeente tevreden zijn met hun woonomgeving en dat de gemeente goed scoort op de verschillende leefbaarheidsindicatoren. Enige uitzondering lijkt een deel van de kern Boven-Hardinxveld, waar de leefbaarheid als 'zwak' wordt getypeerd.
5.2.2
Duurzaamheid
Binnen de bestaande woningvoorraad in Hardinxveld-Giessendam (in 2025 ca. 7.700 woningen) is sprake van een grote verduurzamingsopgave. Een aanzienlijk deel van de voorraad is van wat oudere datum (ca. de helft van de woningen is 50 jaar of ouder en nog eens ca. 25% is tussen de 25 en 50 jaar oud) en bestaat uit eengezinswoningen met gemiddeld genomen een minder gunstig energielabel dan appartementen en nieuwere woningen. De afgelopen jaren is er al veel gebeurd in het verduurzamen van (onder andere sociale huur) woningen, bijvoorbeeld door het uitvoeren van isolatiemaatregelen en het plaatsen van zonnepanelen. In de toekomst blijven we inzetten op verdere verduurzaming en klimaatbestendigheid van de woningvoorraad. Bij nieuwe woningen is duurzaam, aardgasvrij, natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen het uitgangspunt. Ook de woonomgeving moet toekomstbestendiger worden, waarbij rekening wordt gehouden met de gevolgen en risico's van wateroverlast, droogte en hittestress. De bereikbaarheid en verkeersveiligheid staan onder druk door het intensieve gebruik van de huidige infrastructuur en de huidige vormen van mobiliteit. Het groen in de openbare ruimte moet behouden blijven en versterkt worden. De woonomgeving moet uitnodigen tot verblijf en ontmoeting en bijdragen aan sociale verbondenheid en een gezonde leefstijl.
5.3
Opgaven
5.3.1
Leefbaarheid van wijken en buurten
We willen onze inwoners een veilige, gezonde en toegankelijke leefomgeving bieden, in wijken en buurten met een sterke sociale cohesie en met passende voorzieningen in de nabijheid. De sociale en fysieke kwaliteit van de leefomgeving moeten bijdragen aan het welbevinden van onze inwoners. Om de leefbaarheid en veiligheid in onze wijken en buurten te behouden en versterken is het essentieel om met hierbij betrokken organisaties goed en intensief samen te werken.
5.3.2
Betere bescherming van de bescherming van de bestaande woningvoorraad
Signalen van woonfraude zoals overbewoning, leegstand of oneigenlijke bewoning willen we actief onderzoeken en daartegen zonodig handhavend optreden. We zetten ons bij de aanpak van woonfraude actief in om ongewenst gedrag aan banden te leggen, bijvoorbeeld als het gaat om verhuren van te kleine ruimtes, slecht onderhoud aan een woning en teveel mensen in een woning waardoor de leefbaarheid in de buurt en het woongenot in het geding komt. We volgen de ontwikkelingen en onderzoeken de mogelijkheden voor het toepassen van een zelfbewoningsplicht en het invoeren van een Leegstandsheffing, maar gaan deze instrumenten vooralsnog niet toepassen.
5.3.3
Beter benutten van de bestaande woningvoorraad
Het wijzigen van de woningvoorraad door bijvoorbeeld splitsing, kamerverhuur en het optoppen van complexen maken we mogelijk wanneer dit de kwaliteit van de woonomgeving en de leefbaarheid niet aantast. We stimuleren het (weer) gaan bewonen van langdurig leegstaande woningen. Verder blijkt uit de Woonzorganalyse dat veel bestaande woningen in potentie verbeterd kunnen worden om te voldoen aan de huidige eisen en om het langer thuis kunnen blijven wonen van ouderen mogelijk te maken.
5.3.4
Duurzaamheid
We zetten ons in voor een duurzame energievoorziening door het bevorderen van energiebesparing en het gebruik van duurzame energiebronnen in de woningvoorraad. We stimuleren bij verbouw en nieuwbouw van woningen het gebruik van circulaire en biobased materialen om de milieu-impact te verlagen. We zetten in op slimme, snelle en schone bouwmethoden bij nieuwe woningconcepten.
De klimaatbestendigheid van woonwijken moet worden verbeterd, bijvoorbeeld door meer groen en waterinfiltratie. We moeten toe naar een duurzaam en toekomstbestendig mobiliteitssysteem. Bij ontwikkelingen is er aandacht voor verkeersveiligheid, bereikbaarheid en duurzame vervoersvormen – met bijzondere aandacht voor het stimuleren van fietsgebruik, vernieuwing van openbaar vervoer en inzetten op deelmobiliteit.
5.4
Wat gaan we doen?
We continueren de aanpak van woonfraude en versterken waar nodig de samenwerking met betrokken organisaties.
We ontplooien initiatieven die leefbaarheid en sociale cohesie in buurten en wijken behouden en verbeteren.
Waar dit bijdraagt aan de leefbaarheid gaan we creatief om met bestaande bebouwing door deze beter te benutten. Dit kan onder andere door optoppen, splitsen, delen van woningen en transformeren. Hiervoor onderzoeken we de mogelijkheid om regelgeving aan te passen en we geven met voorlichting bekendheid aan de mogelijkheden.
We onderzoeken in 2026 in hoeverre sprake is van (langdurige) leegstand van woningen.
Samen met Fien Wonen maken we in 2026 de mogelijkheden om de sociale huurvoorraad beter te benutten inzichtelijk. Afspraken hierover leggen we vast in de prestatieafspraken.
We stellen een Warmteprogramma op, waarin we beschrijven hoe we de energietransitie in onze wijken en buurten gaan uitvoeren.
We onderzoeken de mogelijkheden voor aanleg van een warmtenet in met name de Peulen en Wielwijk.
We stimuleren energiebewustzijn en energiebesparing bij inwoners door de inzet van energiedisplays en energiecoaches.
We stimuleren het isoleren van woningen en de toepassing van zon-op-dak.
Nieuw te bouwen woningen worden zoveel mogelijk duurzaam uitgevoerd.
We verbeteren de klimaatbestendigheid van woonwijken en nemen uitvoeringsmaatregelen mee in het planmatig beheer en onderhoud van onze wijken.
Bij de ontwikkeling van woningbouwprojecten houden we rekening met het bevorderen van een duurzaam mobiliteitssysteem en duurzame vormen van mobiliteit.
Met Fien Wonen maken we afspraken over de verdere verduurzaming van de sociale huurvoorraad in de gemeente.
Hoofdstuk
6
Monitoring en evaluatie programma
6.1
Monitoring en evaluatie
Het doel van de monitoring en evaluatie is om de voortgang van het volkshuisvestings-programma te volgen, te beoordelen of de gestelde doelen worden behaald en waar nodig bij te sturen. Dit draagt bij aan een transparante en verantwoordelijke uitvoering en maakt het mogelijk om het programma flexibel aan te passen aan veranderende omstandigheden.
De kwantitatieve en kwalitatieve doelen uit het Volkshuisvestingsprogramma monitoren we via een te ontwikkelen woningbouwmonitor.
We willen met betrokken partijen gezamenlijk de stand van zaken van het wonen in Hardinxveld-Giessendam monitoren en waar nodig bijsturen. We organiseren daartoe één keer paar jaar een lokale Dag van het wonen met partijen uit de gemeente. We actualiseren het Volkshuisvestingsprogramma elke vier jaar (of zoveel eerder als dat vanwege actuele ontwikkelingen wenselijk is).
Hoofdstuk
7
Uitvoering - werkwijzen en samenwerking
7.1
Uitvoering
De uitvoering van dit Volkshuisvestingsprogramma gebeurt via een combinatie van ruimtelijke en financiële beleidsmaatregelen en -instrumenten, communicatie en participatie, bouwprojecten, aanpassing van werkwijzen en procedures en samenwerkingsafspraken met Fien Wonen, marktpartijen, zorgorganisaties en maatschappelijke instellingen. Als gemeente vervullen we hierbij een regierol in het coördineren van uitvoering en samenwerking. Dit werken we verder uit in een periodiek bij te stellen uitvoeringsagenda, in het eerste kwartaal van 2026 stellen we deze agenda voor het eerst op.
Bij de verschillende thema's in dit programma is een groot aantal voorgenomen werkzaamheden en activiteiten beschreven. Deels betreft dit reeds gestarte of doorlopende werkzaamheden, bij andere activiteiten is aangegeven dat we die in 2026 zullen oppakken. Deze werkzaamheden en activiteiten kunnen worden uitgevoerd vanuit de beschikbare capaciteit in de gemeentelijke organisatie en binnen de beschikbare financiële middelen.
Voor de overige activiteiten zal in de uitvoeringsagenda een nadere afweging worden gemaakt over prioritering en planning. Tevens zal daarin worden aangegeven in hoeverre daarvoor extra personele inzet of financiële middelen nodig zijn. Uitgangspunt daarbij is om voor extra (personele of financiële) inzet in eerste instantie te zoeken naar extra externe middelen, in de vorm van personele ondersteuning of subsidies en andere financiële bijdragen van externe partijen. Dit programma is de basis voor de gemeentelijke inbreng in en bijdrage aan de regionale samenwerking op het gebied van Volkshuisvesting. En anderzijds heeft de regionale Koersnotitie op Wonen en volkshuisvesting en de uitwerking daarvan input geleverd voor het gemeente Volkshuisvestingsprogramma.
7.2
Prioritering
Bij de uitvoering en in het vervolg wordt prioriteit gegeven aan de volgende punten:
1
Versnelling van woningbouw samen met marktpartijen om zo gemiddeld tussen de 80 en 125 woningen per jaar te realiseren.
2
Realisatie van een vraaggestuurd (vanuit de inwoners van de gemeente Hardinxveld-Giessendam) gedifferentieerd (betaalbaar) woningaanbod, met aandacht voor aandachtsgroepen en het versterken van sociale cohesie, waarbij wordt gestreefd naar veerkrachtige wijken waarin mensen naar elkaar omzien.
3
Woningen worden zoveel als mogelijk lokaal toegewezen.
4
Een positieve grondhouding richting eigenaren voor het omzetten van leegstaande (bedrijfs)panden naar woningen, en het tegengaan van langdurige leegstand en oneigenlijk gebruik van bestaande woningen.
5
Groene, leefbare en klimaatbestendige wijken, waarin duurzaamheid gestimuleerd wordt.
7.3
Onderzoek versnelling woningbouwopgave
Met ondersteuning vanuit het landelijke Expertteam Woningbouw hebben we in 2025 onderzocht hoe de interne werkwijzen en processen in de gemeentelijke organisatie kunnen worden gestroomlijnd om bij te dragen aan een versnelling van de woningbouwopgave. Het eindadvies van dit onderzoekstraject is als bijlage 4 bij dit programma opgenomen.
Uit dit onderzoek is met name naar voren gekomen dat verbeteringen mogelijk zijn in het steviger en duidelijker positioneren van het projectmatig werken. En verder in een versterking van de strategische advieskracht, waardoor sneller en meer integraal tot advisering en besluitvorming over initiatieven kan worden gekomen. Daarnaast bevat het onderzoek aanbevelingen om meer in te zetten op een duidelijke prioritering, monitoring en verantwoording van de inzet op de woningbouwopgave. De diverse aanbevelingen uit het onderzoek zijn deels verwerkt in het Volkshuisvestings-programma en worden verder opgenomen in de op te stellen uitvoeringsagenda.
7.4
Wat gaan we doen?
We maken in 2026 een uitvoeringsagenda met een planning en prioritering van de in dit programma benoemde activiteiten en maatregelen en de inzet van daartoe benodigde middelen. Deze agenda wordt in ieder geval jaarlijks en naar behoefte frequenter geactualiseerd.
Bij de uitvoeringsagenda betrekken we de aanbevelingen uit het onderzoek Versnelling woningbouw voor verbetering en doorontwikkeling van gemeentelijke werkwijzen en processen.
We maken en actualiseren prestatieafspraken met Fien Wonen en de Huurdersraad ter uitvoering van maatregelen uit dit Volkshuisvestingsprogramma.
We voeren regulier overleg met Huurdersraad en Fien Wonen over de voortgang van het programma en over ontwikkelingen in de volkshuisvesting in Hardinxveld-Giessendam.
In 2026 versterken en verbreden we de samenwerking in het Bouwberaad en ontwikkelen dit door tot een lokale versnellingstafel die bijdraagt aan versnelling en vergroting van de woningbouw in onze gemeente.
We werken actief samen en leveren een actieve bijdrage in de regionale samenwerkingsverbanden met andere overheden.
We onderzoeken hoe we (eventueel nader uit te werken) onderdelen uit dit programma kunnen opnemen in het Omgevingsplan.
We zorgen voor meer interne regie en samenwerking op wonen in de gemeentelijke organisatie en versterken het projectmatig werken.
Jaarlijks en voor de eerste maal in 2026 organiseren we een Dag van het Wonen met partijen uit de gemeente.
Bijlage
Bijlagen bij het volkshuisvestingsprogramma
Bijlage 1 Rapportage WBO Drechtsteden.pdf
Bijlage 2 Factsheets WBO Drechtsteden.pdf
Bijlage 3 Woonzorganalyse Hardinxveld-Giessendam 14072025.pdf
Bijlage 4 Eindverslag Versnelling woningbouwopgave Hardinxveld-Giessendam 2025.pdf
Bijlage 5 Woningbouwprogramma november 2025.pdf
Bijlage 6 Advies Huurdersraad op concept Volkshuisvestingsprogramma 2026-2030.pdf
Bijlage 1 Rapportage WBO Drechtsteden.pdf
/join/id/regdata/gm0523/2026/Bijlage_1_Rapportage_WBO_Drechtsteden/nld@2026-09-15;1
Bijlage 2 Factsheets WBO Drechtsteden.pdf
/join/id/regdata/gm0523/2026/Bijlage_2_Factsheets_WBO_Drechtsteden/nld@2026-09-15;1
Bijlage 3 Woonzorganalyse Hardinxveld-Giessendam 14072025.pdf
/join/id/regdata/gm0523/2026/Bijlage_3_Woonzorganalyse_Hardinxveld_Giessendam_14072025/nld@2026-09-15;1
Bijlage 4 Eindverslag Versnelling woningbouwopgave Hardinxveld-Giessendam 2025.pdf
/join/id/regdata/gm0523/2026/Bijlage_4_Eindverslag_Versnelling_woningbouwopgave_Hardinxveld_Giessendam_2025/nld@2026-09-15;1
Bijlage 5 Woningbouwprogramma november 2025.pdf
/join/id/regdata/gm0523/2026/Bijlage_5_Woningbouwprogramma_november_2025/nld@2026-09-15;1
Bijlage 6 Advies Huurdersraad op concept Volkshuisvestingsprogramma 2026-2030.pdf
/join/id/regdata/gm0523/2026/Bijlage_6_Advies_Huurdersraad_op_concept_Volkshuisvestingsprogramma_2026_2030/nld@2026-09-15;1